Van ijskoud digestief naar bruisend aperitief
Limoncello kent een lange traditie rond de Golf van Napels, het schiereiland van Sorrento, het eiland Capri en de Amalfikust. Lokale families en herbergiers trokken de geurige schillen van de befaamde sfusato amalfitano citroenen op zuivere alcohol en mengden die met suikersiroop. Decennialang werd het likeurtje uitsluitend ijskoud geschonken in bevroren glaasjes na een uitgebreid diner als verkwikkende afsluiter.
Met de wereldwijde opkomst van de Italiaanse spritz-cultuur in het begin van de eenentwintigste eeuw zagen barmannen in Noord-Italië nieuwe kansen. Door de rijke, zoete citroenlikeur te combineren met droge prosecco en koolzuurhoudend sodawater ontstond een drank die lichter, doordrinkbaarder en uitermate dorstlessend bleek tijdens warme zomermiddagen.
De perfecte verhouding en techniek
Het succes van een Limoncello Spritz staat of valt met de balans tussen likeur en mousserende wijn. Omdat limoncello aanzienlijk meer suiker bevat dan traditionele bitterlikeuren zoals Aperol of Campari, is een droge prosecco (brut) essentieel. Het sodawater is geen bijzaak: het opent de etherische oliën van de citroenschil en temt de viscositeit van de likeur.
In Nederlandse horecagelegenheden groeide de cocktail de afgelopen zomers uit tot een vaste waarde op terrassen. De felgele kleur, het uitbundige ijs en de geur van verse munt maken het een ongecompliceerd glas dat de zorgeloze sfeer van de Middellandse Zee oproept.
Limoncello Spritz in een bol wijnglas met ijs, citroen en een takje munt


